Zie jij mijn zoontje nog zitten? Je ziet in elk geval zijn neus en mond niet meer. Hij is helemaal in de schouderband van mijn draagzak gedoken. Hij is daarnaast ook nog eens onder een slaapkapje verstopt. Schattig? Als hij er even giechelend induikt wel, maar zo blijven zitten is gevaarlijk. Het zal dan ook wel duidelijk zijn dat ik alleen maar even een foto gemaakt heb en hem dan verplaatst heb. Maar waarom dan? Omwille van het gevaar van Rebreathing.

Wat is rebreathing en waarom is het gevaarlijk?

Bij rebreathing krijgt een kindje te weinig verse zuurstoftoevoer. Hij ademt dan tekens zijn eigen uitgeademde lucht weer in. In onze uitgeademde lucht zit minder zuurstof, en meer CO2. Als we dit terug inademen, daalt stilaan in ons bloed de hoeveelheid zuurstof en stijgt de hoeveelheid CO2. Omdat je kindje toch kan blijven ademen en dit proces gebeurt zonder dat jij het als ouder opmerkt, reageren jullie allebei niet. Je kindje gaat geen grote hap lucht nemen en jij ziet niet dat er iets misgaat. Op die manier kan je kindje traag in een coma vallen en in het ergste geval overlijden. Dat is ook de reden waarom het consultatiebureau altijd zal afraden om dekentjes of knuffels in het bed van je baby te leggen. Ook hier kan rebreathing optreden. Een deel van de kindjes die aan wiegendood overlijden, zijn helaas het gevolg van rebreathing.

Maar hoe kan ik dan wel veilig dragen?

Er zijn verschillende zaken waar je rekening mee kan houden als je draagt.

  • De hoogte van je draagmateriaal (draagdoek of draagzak): die komt idealiter niet hoger dan de kin. Men zegt wel eens ‘de onderkant van de oortjes’ maar dan kunnen mond en neus nog steeds onder je draagdoek zitten.
  • De steun die je je kindje geeft: een baby heeft een ademhalingsstelsel dat nog niet volledig ontwikkeld is. Wanneer zijn kind op de borst zakt, klapt de luchtweg toe als een rietje dat je toeplooit. Ook op deze manier kan er te weinig zuurstof de longen bereiken. Met een goede draagmethode geef je voldoende steun en gebeurt dit niet. Dit is ook de reden dat we niet liggend dragen.
  • Zorg dat je kindje niet onder de schouderbanden van je drager wegduikt
  • Doe een slaapkapje maar aan één kant toe (de achterzijde van zijn hoofd) of gebruik een zonnehoedje. Om te voorkomen dat een kindje met zijn hoofd achterover hangt bij het slapen, is extra naspannen beter dan een slaapkapje. Zo krijg je weer een voldoende hoge ondersteuning in de nek en blijft het hoofd op zijn plaats. Dat is sowieso aangenamer voor je kindje dan zijn hoofd fixeren met een slaapkapje. Lukt dit je niet? Laat je dan zeker bijstaan door een draagconsulente. Die kan je hier met zekerheid bij helpen.
  • Ligt je kindje met zijn neus op jouw borst? Kijk dan of je geen te losse kleding aanhebt. Op je huid of op strakke kleding kan je kindje normaal gezien goed ademen. Hou hem wel altijd in de gaten! Heb je een grote boezem, zorg dan ook dat zijn neusje er niet tussenin zakt.
  • Kijk naar je kindje! Dit wel het belangrijkste onderdeel. We dragen op ‘kusjeshoogte’ maar ik vertel er altijd bij dat je je kindje ook moet kunnen zien. Dat is dus vaak net iets lager dan wat je denkt dat kusjeshoogte is. Maar op die manier kan je in de gaten houden of je kindje vrij en vlot kan ademen, of hij niet inzakt met de kin op de borst en of hij niet te warm of koud krijgt.

Nog vragen?

Dit thema rond veiligheid is belangrijk maar kan je ook afschrikken. Dat is zeker niet nodig! Heb je nog vragen? Wil je graag begeleiding? Dan mag je me altijd contacteren!

Rebreathing en de veiligheid van je baby.
Spread the love
Getagd op:            

Geef een antwoord

preloader